wie is > ‘Leraar worden was absolute no go’

wie is > ‘Leraar worden was absolute no go’

Elke maand beantwoordt een medewerker van het Liemers College een aantal persoonlijke vragen. Deze maand is dat Maarten Delen. Hij is inmiddels bijna een jaar voorzitter van de centrale directie. Natuurlijk heeft hij ook voor de klas gestaan, hoewel het leraarschap volgens een studiekeuzeadviseur voor hem een absolute ‘no go’ was: geen discipline, wars van gezag en veel te dwars voor een voorbeeldfunctie.


Waar kom je vandaan?
“Ik ben de derde zoon (1954) uit een gezin met vier jongens. Mijn opa had een houtzagerij in Geldrop. Voor zijn oudste zoon, mijn vader, heeft hij een loods op de werf omgebouwd tot woonhuis. Wonend op het bedrijf waren wij de kinderen van ‘mijnheer Thijs’. Hij is op zijn veertigste overleden. Mijn middelbare school was het gymnasium Augustinianum in Eindhoven. Ik heb daar, zoals al mijn broertjes, de bètarichting gedaan (vak- en pakketkeuze bestond niet in die tijd). Daarna Nederlandse Taal- en Letterkunde in Amsterdam. Dat was vooral een overwinning op mijzelf. Op de lagere school haalde ik meestal niet meer dan een 5 voor schrijven of dictee.”


Waarom het onderwijs en waarom het Liemers College?
“In Hengelo, in het klaslokaal waar ik als leraar Nederlands terechtkwam, heb ik mijn studieadvies ingelijst. Ik had aan de studiekeuzeadviseur aangegeven dat ik leraar natuurkunde wilde worden. Het advies was klip en klaar: natuurkunde kon, maar leraar was een absolute no go. Geen discipline, wars van gezag en veel te dwars voor een voorbeeldfunctie. Maar ik vond en vind scholen ontzettend leuk en ik vond mijn leraren prachtige mensen. De liefde voor leerlingen is vanzelf gekomen. De liefde voor het Liemers College is een latertje. Dit is mijn laatste school. En mijn meest complexe school. De schoonheid van het Liemers College zit in de verbondenheid met de regio. Daarmee is het Liemers College veel meer dan een regionale school. Het Liemers College is één van de vitale organen in de regio.”


Wat doe je in je vrije tijd?
“Ik tennis, ik volleybal en ik speel basgitaar. In ben bestuurder van een energiecoöperatie en van een initiatief om windmolens te realiseren. Ik lees iedere dag. Nu tegelijk in Grand Hotel Europa van Ilja Leonard Pfeijffer, De Nieuwe Keizer (over Xi Jingping) van Ties Dams en 1812, Napoleons fatale veldtocht naar Moskou van Adam Zamoyski.”


Hoe is het om dagelijks met pubers om te gaan?
“Mijn omgang met pubers is zeer beperkt. Ik geniet meer dan de meeste docenten van de lusten en minder van de lasten. De pubers van nu zijn waarschijnlijk niet veel anders dan die van dertig of drieduizend jaar geleden. Jezelf uitvinden is lastig. Geduld helpt.”


Wat voor leerling was jij zelf vroeger?
“Niet de allergemakkelijkste. Zonder vader en leiding thuis is mijn pubertijd echt een zoektocht geweest. Gelukkig hebben een paar leraren mij vastgepakt en vastgehouden in het vertrouwen dat ik er zou komen. Ik ben hen nog steeds bijzonder dankbaar. Van die tijd weet ik hoe ongelofelijk belangrijk leraren kunnen zijn en hoe ongelofelijk belangrijk het is om vertrouwen te krijgen.”


Welk boek, welke film en welke muziek gaan mee naar een onbewoond eiland?
"Voor de echte liefhebber: Leven en lot van Vasili Grossman. De onverzettelijkheid van de Russen in de slag om Stalingrad. De waanzin van het Russisch socialisme en de menselijke maat in de Holocaust. Het boek is te ingewikkeld voor één keer lezen. Prima voor op het eiland. Misschien heeft ooit iemand de film Enemy at the Gates gezien. Die is gebaseerd op dit boek. Muziek: ik houd van ‘kleine muziek’, hoe kariger hoe beter. Jimmy (The Buffalo Song) van Moriarty. Maar ook voor Krezips Sweet Goodbyes blijf ik met liefde op.”


Wat maakt jou gelukkig en waar lig je ’s nachts wakker van?
“Ik word heel gelukkig van merels in de ochtend en van een kruik in bed in de winter (nog steeds geen verwarming op mijn slaapkamer). Ik lig gelukkig steeds minder wakker van mijn kinderen. Dat geeft ruimte voor mindere zorgen, maar eerlijk is eerlijk, ik lig ook wel eens een kwartiertje wakker van de ingewikkelde knoop die Liemers College heet.”


Als jij één dag de minister van Onderwijs zou zijn, dan…
“…zou ik het onderwijssysteem in drie lagen – basisonderwijs, voortgezet onderwijs, hoger onderwijs – terugbrengen naar twee lagen. Ik zou de onbegrijpelijke onrechtvaardigheid dat vmbo-leerlingen minder leertijd krijgen dan havo- en vwo-leerlingen rechttrekken. En ik zou de salarissen van leerkrachten in het basisonderwijs op gelijk niveau brengen met die in het voortgezet onderwijs.”


Hoe zie je jezelf en hoe zie je de school over tien jaar?
“Over tien jaar breng ik hopelijk mijn kleinkinderen naar de basisschool. In het beste geval word ik getolereerd als voorleesopa. Over tien jaar is het Liemers College veel meer dan nu een schakel in de doorlopende keten van basisonderwijs, voortgezet onderwijs, vervolgonderwijs en beroepsuitoefening. De rol van afzonderlijke vakken is ingewisseld voor betekenisvolle samenhang en de grenzen tussen niveaus zijn aan het vervagen.”


Wat zou je doen met één miljoen euro?
“Er is geen sprake van dat ik dat zelf mag beslissen. Ik moet dat aan mijn eega vragen.”



Terug naar overzicht